Boeken zijn voor mij meer dan alleen een stapel papier met woorden. Ze zijn een combinatie van stilte en prikkels, van verbeelding en rust. Wanneer ik lees, voelt het alsof mijn hoofd even openklapt en alles wat vastzat opnieuw begint te stromen. Dat is misschien de reden waarom ik al jaren boeken verzamel. Niet om ze allemaal in één keer uit te lezen, maar omdat ze me voortdurend inspireren, zelfs wanneer ze gewoon in mijn kast staan.
Wat mij bijzonder aantrekt in boeken is de manier waarop verhalen vorm krijgen. De structuren, de beelden die ontstaan, de emoties die worden opgebouwd—het is niet zo anders dan een goed ontworpen visueel concept. Een boek dwingt je om te vertragen. Om aandacht te geven aan details. Om écht te kijken, zelfs al lees je.
Sommige boeken lees ik omdat ze me iets nieuws leren, andere omdat ze me laten ontsnappen. Maar de mooiste zijn degene die ik blijf openslaan: fotoboeken van kunstenaars die me raken, vintage vondsten op rommelmarkten, en romans die me herinneren dat creativiteit niet alleen in beelden zit, maar ook in woorden.
In een tijd waarin alles snel moet, blijven boeken voor mij een manier om opnieuw verbinding te maken met mijn werk en met mezelf. Misschien is dat wel hun grootste kracht: ze maken de wereld weer even helder—en soms zelfs een beetje magisch.
